Maak werk van een geslaagde groenbemester

Heb je ook nog geen groenbemester ondergezaaid? Dan kun je direct na de maisoogst aan de slag met nazaai. Een goede bedekte bodem stimuleert het bodemleven, ervaart Zwier van der Vegte. En: nazaai als voedergewas? Lees hoe je dat zou kunnen aanpakken:

Of je nou kiest voor onderzaai, directzaai of nazaai: ga voor een geslaagde groenbemester zegt Zwier van der Vegte van melkveeproefboerderij De Marke. “Dat draagt bij aan de structuur en de draagkracht van de bodem en een actiever bodemleven.” In dit artikel gaat hij in op nazaai: “Na de oogst van de mais, direct een groenbemester inzaaien.” 

Wie geen groenbemester gelijktijdig met het inzaaien van de mais of tijdens de groei van de mais heeft ingezaaid, gaat binnenkort aan de slag: na de oogst van de mais een groenbemester nazaaien. Een verplichting op zand- en lösgrond voor 1 oktober en volgens expert Zwier van der Vegte de manier om de bodem gezond te houden. “Soms wordt het effect van een groenbemester inzaaien onderschat, maar neem het serieus. Ik merk op onze percelen dat dankzij een groenbemester het bodemleven actief blijft en het organische stofgehalte stijgt. Naast extra stikstof heb je daar in het nieuwe groeiseizoen profijt van.”

Nazaai: kies voor een vroeg maisras

Veel boeren kiezen liever voor nazaai dan onderzaai en dat is helemaal geen slechte keuze, zegt Zwier. “Het is weer een droog jaar en dan ontkiemt het zaad lastig. Dat geldt zeker wanneer het zaad, zoals bij onderzaai, voor vocht, moet concurreren met het al groeiende maisgewas.”

Belangrijk bij nazaai, is dat de veehouder dan kiest voor een vroeg maisras. Zwier: “De maisrassen blijven zich ontwikkelen, ook met de vroege rassen krijg je een goede opbrengst met genoeg kolf.” Hij adviseert te gaan voor een ‘zeer vroeg’ maisras. “’Ultra vroeg’ bestaat ook al, maar die geeft een lagere totale VEM opbrengst en is vooral bedoeld voor bijzondere omstandigheden”.  De opbrengstverschillen tussen een ‘zeer vroeg’ en een ‘vroeg’ ras zijn minimaal maar met die eerste oogst je wel een week tot 14 dagen eerder. “Dan heb je dus ruim de tijd om voor 1 oktober een groenbemester in te zaaien.”

Wees niet zuinig met zaaizaad

Zodra de mais geoogst is, kan de groenbemester erin. “Dus niet een week of twee weken wachten, maar iedere groeidag benutten: het zaad zo snel mogelijk de grond in.” Wees ook niet te zuinig met zaaizaad: een goede bedekte bodem geeft het beste resultaat en het meeste profijt voor de bodem.

Voordelen bedekte bodem

De voordelen van een goede bedekte bodem met een groenbemester in de winter, zijn nog niet bij iedereen bekend. Zwier zet de belangrijkste op een rij:

  • Een vanggewas/groenbemester legt stikstof vast in de bodem;
  • Een bedekte bodem heeft minder kans op verslemping door (harde) regen;
  • Door steeds zachtere winters, blijft het bodemleven (wormen, schimmels, bacteriën, enz.) actief. Met een goede groenbemester stimuleer je de symbiose tussen wortels en bodemleven. Gewaswortels geven suikers af aan het bodemleven die op hun beurt mineralen vrijmaken voor de plant, kortom: dubbel winst;

Nazaai als voedergewas?

Binnen Vruchtbare Kringloop Achterhoek wordt er al mee geëxperimenteerd: nazaai als voedergewas. Enkele deelnemers zaaien 120 kg Rogge of 40 kg Italiaans raaigras om als voedergewas te telen. Zwier: “Interessant en vanwege de zachtere winters ook steeds beter mogelijk.” Hij heeft al verhalen gehoord van veehouders die dan in april 3 tot 4 ton droge stof gras of rogge oogsten. Dit inkuilen onder de eerste snede is een prima manier het goed te conserveren en benutten.

Er is wel een groot nadeel: het gewas onttrekt vocht uit de grond. “Dat is nadelig voor de  maisteelt, dat toch het belangrijkste is en blijft. Vroeg beregenen, om mais goed te laten kiemen, is dan wellicht nodig. Ook is het vanwege nieuwe richtlijnen straks alleen nog mogelijk om het hoofdgewas, de mais, te bemesten en pas vanaf 1 april. Dat is een belemmering voor het voedergewas.” Toch is het iets om over na te denken, vindt Zwier: “In Portugal is het al standaard om in plaats van in de droge zomer, in de winter een voedergewas te telen. Mogelijk gaan we in Nederland ook die kant op? Probeer het eens!”

Facebook
Twitter
LinkedIn

Gerelateerde berichten

Beweiding op De Marke

Op Agro-innovatiecentrum De Marke proberen we al enkele jaren de dieren zo vroeg mogelijk te laten weiden. Wanneer het weer en de grasgroei het toelaten, gaan de dieren naar buiten. Hoe gaan we daarbij te werk?

Spin in het agro-innovatienetwerk

De Achterhoek ontpopt zich steeds meer als agro-innovatieregio. De Marke vervult de rol van spin in het agro-innovatienetwerk. Samenwerking leidt tot meer innovatie in de landbouw is het idee.

Onderzoeksteam Agro-innovatiecentrum De Marke uitgebreid met Rianne van Binsbergen

Rianne van Binsbergen (32) start per 1 april als onderzoeker/projectleider bij Agro-innovatiecentrum De Marke. Als gepromoveerd wetenschappelijk onderzoeker in Wageningen maakt ze de overstap naar een onderzoeksbaan in het Gelderse Hengelo.
Do NOT follow this link or you will be banned from the site!

Deze website maakt gebruik van cookies om ervoor te zorgen dat u de beste ervaring op onze website krijgt.