Onkruidbestrijding
Agro-innovatiecentrum in de Achterhoek

Verminderen van het gebruik van gewasbescherming is belangrijk voor grond- en oppervlaktewaterkwaliteit, nuttige insecten en een ongestoord en actief bodemleven. Daarnaast remmen chemische middelen de gewasgroei. terugdringen van het gebruik zal de gewasopbrengst ten goede komen. 

Bij het bestrijden van onkruid in maïs werken we volgens de ADS methode (Aangepast Dosering Systeem) in combinatie met mechanische onkruidbestrijding.

Kort voor het zaaien, ploegen en vijf dagen daarna voor het eerst wiedeggen (de maïs is inmiddels gezaaid). Vervolgens iedere vijf dagen wiedeggen tot de maïs bovenkomt. Twee á drie weken na het laatste wiedeggen, het nagekiemde onkruid is dan nog klein, volgt een bespuiting met een zeer lichte dosering van middelen die afgestemd zijn op het aanwezige onkruid. Drie á vier weken hierna volgt een schoffelbeurt waarbij we in de zelfde werkgang de groenbemester (vanggewas) zaaien.

(zie item teelt)

Minimaal gebruik van gewasbescherming in grasklaver.

Bij grasklaver maken weminimaal gebruik gewasbeschermingsmiddelen. Bij inzaai gebruiken we een dekvrucht in de vorm van snijrogge. Dit draagt bij aan een snelle bodembedekking, waarbij onkruid minder kans heeft. Vervolgens is goed graslandonderhoud belangrijk. Belangrijke maatregelen zijn het voorkomen of anders opheffen van verdichting, beluchten of wiedeggen in het voorjaar, voorkomen van te zware sneden en bloten en beregenen indien nodig.

Do NOT follow this link or you will be banned from the site!

Deze website maakt gebruik van cookies om ervoor te zorgen dat u de beste ervaring op onze website krijgt.