Welke beweidingsstrategie hanteert u op uw bedrijf?

Bij De Marke waren we afgelopen jaren op zoek naar de juiste beweidingsstrategie. Na wat experimenteren en advies van weidecoach Bert Philipsen hebben we nu de juiste strategie gevonden. Dierverzorger Martijn Harkink is enthousiast.

‘We zijn hier in het verleden begonnen met siëstabeweiding in combinatie met iedere 2-3 dagen een nieuw perceel. Bij deze vorm van beperkte beweiding krijgen de koeien twee keer per dag gedurende een vrij korte tijd toegang tot de weide. Later toen we zijn gestart met de robot zijn we overgestapt op stripgrazen. In 2020 hebben we voor het eerst Nieuw Nederlands Weiden toegepast. Afhankelijk van de intensiteit, de ligging van de percelen en de gewenste grasgroei wordt de huiskavel verdeeld in weide- en maaiplatforms. Het weideplatform wordt in zes gelijke percelen opgedeeld, zodat de koeien iedere dag een ander perceel krijgen. De koeien konden vanaf acht tot circa vier uur naar de wei om te grazen. Ook deze vorm was niet geheel naar wens. Door onderbezetting bij de melkrobot bleef het koppelgedrag in stand. De koeien waren te kort in de wei en kwamen gedurende de dag als koppel te snel terug in de stal. Afgelopen jaar hebben we samen met weidcoach Bert Philipsen gezocht naar andere mogelijkheden’, vertelt Martijn.

Automatische poortopener

Martijn vervolgt: ‘Bij ons speelde de vraag hoe kunnen we de koeien langer in de wei houden en hoe kunnen we zorgen dat ze meer gras vreten. Om het rantsoen te laten kloppen, moeten onze koeien een bepaalde hoeveelheid gras opnemen. We melken hier met een robot, ook al is er overcapaciteit, we willen niet dat de robot langer stil staat dan drie of vier uur. Een koe is een autist, die moet ritme en regelmaat hebben. Daarom gaan onze koeien op vastgezette tijden de wei in. Bovendien scheelt het werk als de koe zelf zijn kostje bij elkaar vreet. We zijn nu overgestapt op een combinatie van Nieuw Nederlands Weiden en siëstaweiden. Ze weiden nu ruim acht uur per dag. Daartoe sluiten we de koeien op in de wei. Van zeven tot elf en van half vijf tot half negen. We maken gebruik van een automatische poortopener. Als ik de koeien wegbreng, stel ik het apparaat in. Als de tijdsperiode voorbij is, springt de poortopener open. Het is een mobiel systeem afkomstig uit Nieuw Zeeland. Zo wordt je geen slaaf van je eigen systeem. Dat is enorm goed bevallen.’

Weidecoach

Bert Philipsen, weidecoach en werkzaam bij de WUR: ‘De meeste boeren hebben bewust of onbewust wel een beweidingsstrategie. Vaak komt er in de praktijk een aanpassing als men met een robot gaat melken, het bedrijf groeit, er een andere stal komt of er een perceel van de buurman wordt gekocht. Het kan dan, maar bijvoorbeeld ook met het oog op meer eiwit van eigen land, heel interessant zijn om de beweidingsstrategie eens echt tegen het licht te houden. Iedereen heeft een andere huiskavel en andere wensen. Welk oppervlakte van de huiskavel is beweidbaar en welk oppervlakte blijft over voor het maaien? De grootte van de huiskavel, dus de ruimte die er is om te beweiden, bepaalt in belangrijke mate de beweidingsstrategie. Ook grondsoort, kavelpaden en melksysteem spelen een rol. Met de beweidingsstrategie wordt een maximale grasland- en melkproductie nagestreefd. Bij de keuze van de strategie is ook de voorkeur van de boer en het plezier dat hij erin heeft een belangrijke factor. Er zijn tig varianten van beweidingsstrategieën. De basis vormt altijd omweiden of standweiden. Als weidecoach heb je diverse gereedschappen. Maar ons advies is afhankelijk van de boer en de situatie en is dus maatwerk. Er zijn weidecoaches werkzaam bij bijvoorbeeld veevoerleveranciers, DLV of accountantskantoren. Vanuit de stichting Weidegang verzorgen we scholing en zorgen we dat kennis doorstroomt. Meer informatie kunnen mensen vinden bij de Stichting Weidegang.’

Van weer afhankelijk

De koeien hebben veel gras opgenomen afgelopen jaar. We hebben alleen bierborstel, snijmais en tarwemeel bijgevoerd in de stal. We geven bij De Marke de koeien elke dag een nieuwe frisse wei. ’s Middags gaan ze naar een nieuw perceel en ’s morgens gaan ze nog een keer naar het perceel. Zo heb je als veehouder overdag de tijd om de draden goed te zetten voor het volgende perceel. We komen iedere zes dagen terug. Per beweidingsrond komen ze zo tien tot twintig keer terug in hetzelfde perceel. Dit jaar was het gezien het weer een mooi jaar om te beweiden; groeizaam en niet heel erg warm. In droge periodes stagneert de grasgroei hier op zandgrond en wordt het al gauw te heet voor de koeien’, vertelt Martijn. ‘Volgend jaar wil ik op tijd beginnen en op dezelfde voet verder gaan. We hebben twee platforms. Elk platform bestaat uit meerdere (5-6) percelen. Volgend jaar wil ik iets sneller door naar het volgende platform. Dit jaar konden we door het weer pas laat maaien. Zodoende konden we pas laat doorschuiven. Dat heeft de voeropname wel geschaad. Ook wil ik proberen iets langer door te weiden aan het eind van het seizoen. Zolang we genoeg gras in de koeien krijgen, wil ik ze toch iets langer buiten laten. Verder is het van belang er vooral de rust in te houden. De eerste jaren wil ik aan dit systeem vasthouden. Dat is beter voor de koeien. De oppervlakte en de tijdsduur van weiden zijn je variabelen. Op stal voeren we eventueel bij.’

Tevreden koeien

’We hebben veel meer gras in de koeien, dus tevreden koeien en meer melk en dus een tevreden boer. Een weidecoach kan je helpen en adviseren en brengt je soms op andere ideeën’, besluit Martijn. Bert Philipsen kwam afgelopen jaar elke maand bij De Marke: ‘Dan zie je pas goed wat er gebeurt. Het knelpunt van het koeverkeer is opgelost, maar bovenal zijn de doelen van de boer gehaald: meer vers gras in de koe en een oplossing die voor het proefbedrijf niet te moeilijk is. Gemak, regelmaat en meer gras in de koeien zijn veel doelen die ik tegenkom. Ik geloof dat de strategie bij De Marke wel succesvol is en het is mooi om te constateren dat Martijn tevreden is.’

Tips van Martijn van De Marke:

  • Schakel een weidecoach in.
  • Begin op tijd en wacht niet tot de eerste snede is binnengehaald.
  • Bepaal situering beweidingsplatform in januari/februari.
  • Pas beweidingsplan en bemestingsplan op elkaar aan.
  • Houd vast aan gekozen beweidingsstrategie.

Martijn Harink

Facebook
Twitter
LinkedIn

Gerelateerde berichten

KPI-k project geeft veel discussie over meten en waarderen van kringlooplandbouw

Eind 2021 vonden vier groepsgesprekken plaats met bijna 30 VKA-leden over de landelijke set aan Kritische Prestatie indicatoren kringlooplandbouw (KPI’s kringlooplandbouw). De bijeenkomsten leverden veel discussie en verschillende meningen op. Er is nog een weg te gaan, zo werd duidelijk.

Fundering gelegd, nu verder bouwen

Column van Jaap Gielen, directeur Agro-innovatiecentrum De Marke: Fundering gelegd, nu verder bouwen

Veldproef met winterrogge op De Marke

Zomers worden droger en winters worden warmer. Op agro-innovatiecentrum De Marke is in 2021 binnen het project KLIMAP een veldproef met winterrogge aangelegd om te onderzoeken of deze teelt het ruwvoerproductieverlies door droogte in de zomer kan compenseren. Winterrogge als dekvrucht zorgde voor minder onkruid en verhoogde de drogestofproductie voor de eerste snede, maar de totale aantal kg onttrokken stikstof was hetzelfde over de eerste en tweede snede in vergelijking met inzaai zonder dekvrucht. Winterrogge als vanggewas produceerde meer kg drogestof dan Italiaans raaigras. Winterrogge als doorzaai in het najaar gaf geen verhoogde drogestofproductie in het voorjaar.
De Marke

Deze website maakt gebruik van cookies om ervoor te zorgen dat u de beste ervaring op onze website krijgt.